QH
R
e
ï
n
c
a
r
n
a
t
i
e
n
u
m
m
e
r
QH

Reïncarnatie

Het is een onderwerp waarover men nooit uitgepraat is. Letterlijk vertaald betekent het "terug in het vlees," je eigen geest in een ander lichaam. Hoe doe je dat? Je hoeft er niets voor te doen: het vindt plaats of niet!

Kees Verwey, de bekende schilder, die destijds mijn portret tekende, nadat ik een reportage over hem gemaakt had, zei onder het tekenen: je bent van de vorige eeuw. Maar wie was ik destijds dan wel? Nobody knows, ik tenminste niet.

Het is met godsdienst, kunst en politiek: spreek of schrijf er niet over want tot nu toe zijn we het over deze onderwerpen nooit eens geworden.

Motieven tot het geloof in reïncarnatie zijn o.a.: het geloof dat de mens iets in zich heeft dat niet aan dood en vergankelijkheid onderworpen is.

  • het cyclisch karakter van veel gebeuren in de wereld.
  • het besef dat de mens een deel is van de hem omringende wereld.
  • de behoefte om de verschillende omstandigheden bij het ter wereld komen van de mens te verklaren.
  • de evolutiegedachte.
  • de gevoelens van bepaalde mensen dat zij ervaringen meegemaakt hebben met betrekking tot een vorig bestaan.

Reïncarnatie kan volgens sommigen niet alleen plaatshebben in een ander lichaam, maar ook in het lichaam van een dier, in een boom of in een steen.

De christelijke kerk kende oorspronkelijk de reïncarnatie, maar dit idee of geloof werd verworpen tijdens het Concilie van Nicea in 325 n. Chr. De eerste algemene concilies werden niet door de paus maar door de keizer bijeengeroepen. Op het concilie in Nicea werd de leer van de reïncarnatie verworpen. De toen regerende keizer kon zich niet vinden, zoals dat heet, in de opvatting dat hij misschien de reïncarnatie van een slaaf was of, in een volgend leven, zelf slaaf zou zijn.

Van veel beroemde mensen is bekend, dat zij in reïncarnatie geloofden, zoals Pythagoras (575-500 v.Chr.), Plato (428-347 v.Chr.), François Marie Arouet de Voltaire (1694-1778), J.W. von Goethe (1749-1832), Heinrich Heine (1797-1882), J.D. Thoreau (1917-1962), Walt Whitman (1819-1892), Carl S. Jung (1875-1961), Albert Einstein (1879-1955).

In een BRES-tijdschrift (dec.'91-jan.'92) las ik over de reïncarnatietherapie in de Verenigde Staten. Het betreft een interview met Trisha Caetano, voorzitter van de Amerikaanse Vereniging voor Reïncarnatietherapie en Reïncarnatieonderzoek. Zij studeerde o.a. "Client Centered Therapy" bij Carl Rogers. Momenteel is zij voorzitter van de "Association for Past-life Research and Therapy (APRT)" en van het internationale opleidingsteam dat praktizerende regressietherapeuten opleidt en certifieert. Als therapeute heeft zij ervaring in "Gestalt Therapy" en maakt in haar praktijk gebruik van psychosynthese, Inner Child Therapy en transactionele analyse. In de Verenigde Staten zijn meer dan 1000 reïncarnatietherapeuten. Onder hen zijn natuurlijk ook een aantal beunhazen. Er zijn therapeuten die meer naar boven halen bij de patiënt dan deze verwerken kan.

Trisha Caetano weet niet of je iemand blijvend kunt beschadigen door een verkeerde regressie, maar het kan veel stress, pijn en verwarring veroorzaken. Sommige therapeuten weten niet hoe ze aanhechtingen (lichte vormen van obsessie) moeten losmaken en hebben geen idee van reiniging en genezing. De therapeuten zelf ondergaan ook intense emoties die ze moeten kunnen hanteren.

Of men in de reïncarnatietheorie wil geloven of niet moet iedereen zelf beslissen.

Keurvorst Frederik de Grote (regeerde van 1640-1688) meende "Jeder soll auf seiner façon selig werden." Ieder moet op zijn eigen wijze gelukkig worden!

Hanneke Grooters

index